Definitie
De term “Architectonisch Beton” wordt door de prefabindustrie gebruikt voor een geheel van elementen welke door hun vormgeving, afwerking, kleur, textuur en hoge kwaliteit een wezenlijke bijdrage leveren tot de architectuur van een gevel of een andere constructie. Het voornaamste kenmerk van Architectonisch beton ligt in de bijna onbeperkte mogelijkheden op gebied van stijl, kleurschakering en oppervlakteaspect. De toepassingen zijn derhalve onbeperkt: van de reproductie van klassieke gevels met al hun ornamenten uit de Renaissance, tot de meest verbeeldingsvolle gebouwen van de toekomst. De enige begrenzing is in feite de creativiteit van de ontwerper. Het Architectonisch beton is bovendien een materiaal welke de mogelijkheid biedt om een aantrekkelijke architectuur te combineren met andere constructieve en bouwfysische functies. Het wordt gebruikt voor gevels van allerlei soorten gebouwen, welke zich onderscheiden door een prestigieus en karaktervol uitzicht. De elementen worden ook binnen de gebouwen gebruikt voor allerlei constructieve en decoratieve functies.
Architectuur is een levende kunst welke voortdurend verandert onder invloed van technologische ontwikkelingen, trends in de maatschappij, traditie, cultuur en nog andere factoren. Geprefabriceerd “Architectonisch Beton” draagt daartoe in de letterlijke en figuurlijke zin zijn “steentje” bij.
Mooi, sterk en creatief
Veel gezichten
Voor de vormgeving van de elementen zijn de schetsen van de architect en de technische studies samen doorslaggevend. De algemene vorm moet op een eenvoudige manier bekist en vooral ontkist kunnen worden. Voor de bekisting van de elementen komen heel verschillende materialen in aanmerking: staal, hout, plastiek, piepschuim, gegoten polystyreen, polystyreen voorzien van snijwerk, rubber, elastomeer. Wat er uiteindelijk gekozen wordt, hangt af van het aantal te vervaardigen stukken en van de complexiteit van het eindproduct (zoals details, finesse van het gietwerk, enzovoorts).
De betonindustrie is erg flexibel. Vroeger was de minimumserie twintig of dertig elementen om economisch aantrekkelijk te blijven, terwijl nu relatief gemakkelijk kleinere series gemaakt worden.
